![]()
HERMAN WAGEMANS: Woord en daad
“Geen
woorden maar daden, of beter: woord en daad”.
Deze woorden gebruikte meester Herman Wagemans, toen voorzitter van het
Bormshuis, als titel voor zijn voorwoord bij de tentoonstelling “Jan van
Hoogten en zijn tijdgenoten: 100 jaar Vlaamse Beweging in Antwerpen”, die in
de herfst van 2000 in het Bormshuis ingericht werd. Eigenlijk zijn deze woorden
minstens even goed van toepassing op het leven van onze vroegere voorzitter
zelf. Want ook Herman Wagemans was van in zijn jeugd bedrijvig met woord en daad
voor de Vlaamse zaak.
Hij werd op 25 maart 1918 geboren in Sint-Lambrechts-Woluwe en bracht zijn jeugd
door in Hoogstraten, waar hij actief was in de studentenbeweging die werkte in
de geest van het Algemeen Katholiek Vlaamsch Studentenverbond. Toen hij te
Leuven rechten studeerde werd hij praeses van het Katholiek Vlaamsch
Hoogstudentenverbond. In 1941 vestigde hij zich als advocaat te Antwerpen en
pleitte hij enkele jaren later onder meer in heel wat processen tegen
repressieslachtoffers. In 1945 kwam hij zelf in de cel terecht, uitgerekend in
dezelfde cel waar ook Willem de Meyer verbleef. Gevolg: in de Antwerpse
Begijnenstraat werden plannen gesmeed voor de heroprichting van het Zangverbond
en in 1948 werd hij ook de eerste voorzitter van het Algemeen Nederlands
Zangverbond. Hij was daarnaast tientallen jaren actief in de Vlaamse Beweging,
eerst in de partijpolitiek, later meer in de beweging zelf. Zo was hij na de
Tweede Wereldoorlog (1952) het eerste Vlaamsnationale gemeenteraadslid voor de
Vlaamse Concentratie te Antwerpen en ook de eerste Vlaamsnationale
volksvertegenwoordiger voor de Christelijke Vlaamse Volksunie (1954-1958). Ook
bleef hij jarenlang mensen uit de Vlaamse Beweging verdedigen, onder meer
tijdens het bekende VMO-proces in het begin van de jaren tachtig. De
spreekbeurten en redevoeringen die hij hield, onder meer om amnestie te eisen,
zijn niet te tellen.
Reeds in de tijd van Jan Van Hoogten was Herman Wagemans ondervoorzitter van
(toen nog) het BDAC. Hij bleef het ook toen Wim Van Onckelen de taak van
voorzitter op zich nam. Toen die in november 1996 overleed, aarzelde Herman
Wagemans niet om zijn verantwoordelijkheid op te nemen en antwoordde positief op
de vraag van het bestuur om zelf voorzitter te worden. Hij begeleidde de
gesprekken die leidden tot samenwerking met het tijdschrift Broederband
en werd hoofdredacteur van het nieuwe blad Bormshuis-Broederband. Als
voorzitter was hij steeds de wijze man, die altijd de inzet van zijn medewerkers
wist te waarderen.
Dit is slechts een kleine greep uit het gevulde leven van een man die van in
zijn jeugd trouw bleef aan zijn ideaal. Hij was en is ook een minzaam man, die
de inzet van anderen op prijs kon stellen. Maar voor mij is hij vooral een man
die niet bang is om zijn nek uit te steken, die radicaal blijft uitkomen voor
zijn ideeën. Ik denk maar aan het feit dat hij in 2002, dus op hoge leeftijd,
bereid was om het woord te voeren op de ‘Alternatieve IJzerbedevaart’ te
Diksmuide. Die kon wel niet doorgaan, dankzij een verbod te elfder ure, maar
Herman Wagemans had er wel zijn nek voor uitgestoken. En zo kan hij best
getypeerd worden, als een idealist die blijft werken voor zijn ideeën.
Lieve van Onckelen
Conservator Bormshuis
In memoriam Herman Wagemans (april 2006)